Martin van der molen – #4

“Iets afbreken en kwijtraken is vaak onomkeerbaar”

Mijn naam is Martin van der Molen, 51 jaar en ik woon samen met mijn zoon in Lierop.
Graag wil ik mij inzetten voor behoud en ontwikkeling van bestaande en nieuwe culturen. Het ontdekken, het leren begrijpen, zowel voor mezelf als voor een ander. 

Als stugge Drent in het bourgondische Brabant was het ontdekken van de vele overeenkomsten in de ogenschijnlijke verschillen een echte eye-opener dat deze open houding wederkerig kan zijn.
De Lieropse hei, het Beuven, Keelven; er zijn zoveel mooie plekken in onze gemeente welke ik zou willen noemen. Rijdend vanuit Heeze is het Witven toch altijd weer een kadootje waarbij ik altijd weer besef hoe ik bof met de omgeving waarin ik leef. Ook rijdend vanaf de snelweg is het zien van de koepelkerk van Lierop toch altijd weer een reden voor een glimlach op mijn toch atheïstische gezicht. Vanuit Weert langs het Aarbeienvrouwtje ben ik bijna thuis. Vanuit Meijel langs de grote peel. Het gedeelte tussen Griendtsveen en Helenaveen.

We leven middenin prachtige maar kwetsbare gebieden. Het is daarom dat ik er iets voor terug wil doen, vanuit een dankbaarheid en vanuit een besef dat in een steeds harder wordende maatschappij welke veelal gericht is op winst en de groei in winst er steeds minder ruimte is voor de natuur. De bevolking groeit, de industrie groeit en af en toe zullen er keuzes gemaakt moeten worden. Ik kies hierin voor de natuur en cultuur. Iets afbreken en kwijtraken is vaak onomkeerbaar. En soms is het kiezen tussen twee kwaden een weloverwogen keuze voor de lange termijn in plaats van een Quick win welke al bijna achterhaald is.

Ik sta volledig achter ons verkiezingsprogramma en voor eenieder die mij van kritiek, feedback of complimenten wil voorzien nodig ik uit om dit niet online te doen maar om samen een wandeling te maken of, om met de woorden van Gerard van Maasakkers te spreken:

Hee gaode mee dan gaon we’n eindje lopen. Hou toch op mee poetsen, kijk toch nie zo nauw. Hee gaode mee, de bluumkes staon weer open. Laot oewe jas mer hangen, ’t is nie kou.

Terug naar alle kandidaten